PROMPTING
Van vaag naar
scherp.
Een goede prompt = opdracht + context + input + output‑format + grenzen. Jij blijft eindredacteur.
Vage vraag → vage output
Voorbeeld:
Schrijf een follow‑up mail.
geen context
geen toon
geen format
Resultaat: generiek, te lang, mist details.
Scherp prompt → bruikbare output
Voorbeeld (met placeholders):
Taak: schrijf een follow‑up mail over het gesprek met [naam]. Context: [1 zin over doel + doelgroep + toon]. Input: notulen: “”“...”“” Output: 1) korte recap (max 4 zinnen) 2) 5 actiepunten (Owner/Deadline) 3) mailtekst (vriendelijk, zakelijk) Regels: geen nieuwe feiten; stel vragen als info ontbreekt.
context
format
guardrails
self‑check